onverschilligheid
zelfstandig naamwoord /ɔnvɛrˈsxɪləɣˌɦɛit/Betekenis
- het niet geven om iets
Hoe spreek je onverschilligheid uit?
/ɔnvɛrˈsxɪləxˌhɛit/
Onverschilligheid bestaat uit vijf lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɔ | bot |
| n | nek |
| v | vis |
| ɛ | bed |
| r | rood |
| s | sok |
| x | acht |
| ɪ | pit |
| l | land |
| ə | de |
| h | hoed |
| ɛi | trein |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
zelfstandig naamwoord
- houding waarbij men zich niets aantrekt van omstandigheden en de opvattingen van anderen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| onverschilligheden | meervoud |
Herkomst
afgeleid van onverschillig met het achtervoegsel -heid
Woordfamilie van onverschilligheid
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| onverschilligheden | meervoud | onverschilligheid |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van onverschilligheid zijn vastgelegd.