plezier
zelfstandig naamwoord, werkwoord pləˈzirBetekenis
- een staat van genoegen
- iets wat genoegen schept
Hoe spreek je plezier uit?
/pləˈzir/
Plezier bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| p | pak |
| l | land |
| ə | de |
| z | zon |
| i | riet |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| pleziertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| pleziertjes | verkleinwoord, meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van plezieren
- gebiedende wijs van plezieren
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van plezieren
Vervoeging van plezier
plezierhele werkwoord
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘genoegen’ voor het eerst aangetroffen in 1574
Woordfamilie van plezier
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| pleziertje | verkleinwoord | plezier |
| pleziertjes | verkleinwoord meervoud | plezier |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van plezier zijn vastgelegd.