kwartier
zelfstandig naamwoord kwɑrˈtirBetekenis
- een kwart uur
- één van de twee fasen of schijngestalten van de maan (of een planeet) waarbij het verlichte en het donkere gedeelte even groot zijn, dus bij 'halve maan'
- een tijdelijke onderkomen van militairen
Hoe spreek je kwartier uit?
/kwɑrˈtir/
Kwartier bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| w | quiz |
| ɑ | bad |
| r | rood |
| t | tak |
| i | riet |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — neuter
- kwart van een uur
- elk van de twee fasen of schijngestalten van de maan (of een planeet) waarbij het verlichte en het donkere gedeelte even groot zijn, dus bij "halve maan"
- tijdelijk onderkomen voor militairen
- eenvierde, kwart, kwartdeel, vierendeel obsolete
- wacht [3]
- kwartdeel van een haringvleet
- voorste of achterste deel van een slachtdier
- voorouder vanaf de tweede generatie
- bestuurlijk onderdeel van een land of gewest historical
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| kwartieren | meervoud |
| kwartiertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| kwartiertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
via Middelnederlands quartier van Oudfrans quartier **[1] (verkorting) van "kwartier uurs" **[3] in de betekenis van ‘verblijfplaats’ aangetroffen vanaf 1546
Woordfamilie van kwartier
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| kwartieren | meervoud | kwartier |
| kwartiertje | verkleinwoord | kwartier |
| kwartiertjes | verkleinwoord meervoud | kwartier |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kwartier zijn vastgelegd.