scharnier
zelfstandig naamwoord, werkwoord /sxɑrˈnir/Betekenis
- een draaibaar verbindingsstuk tussen twee voorwerpen
Hoe spreek je scharnier uit?
/sxɑrˈnir/
Scharnier bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| x | acht |
| ɑ | bad |
| r | rood |
| n | nek |
| i | riet |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — neuter
- verbindende factor, iets dat zorgt dat twee of meer andere zaken op elkaar worden afgestemd of samenwerken figuratively
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| scharnieren | meervoud |
| scharniertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| scharniertjes | verkleinwoord, meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van scharnieren
- gebiedende wijs van scharnieren
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van scharnieren
Vervoeging van scharnier
scharnierhele werkwoord
Herkomst
In de betekenis van ‘draaiverbinding’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1732.
Woordfamilie van scharnier
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| scharniertje | verkleinwoord | scharnier |
| scharniertjes | verkleinwoord meervoud | scharnier |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van scharnier zijn vastgelegd.