aanvangstijd
zelfstandig naamwoord ˈaɱvɑŋsˌtɛitBetekenis
- het tijdstip dat een bepaalde activiteit begint
Hoe spreek je aanvangstijd uit?
/ˈamvɑŋsˌtɛit/
Aanvangstijd bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| a | maan |
| m | maan |
| v | vis |
| ɑ | bad |
| ŋ | ding |
| s | sok |
| t | tak |
| ɛi | trein |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| aanvangstijden | meervoud |
Herkomst
samenstelling van aanvang zn en tijd zn met het invoegsel -s-
Woordfamilie van aanvangstijd
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| aanvangstijden | meervoud | aanvangstijd |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van aanvangstijd zijn vastgelegd.