stralen
werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈstralə(n)Betekenis
- straling uitzenden
- licht weerkaatsen
- een heel blije uitdrukking op het gezicht hebben
- zakken voor een toets of examen
Hoe spreek je stralen uit?
/ˈstralən/
Stralen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| t | tak |
| r | rood |
| a | maan |
| l | land |
| ə | de |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van stralen
stralenhele werkwoord — straaldeverleden tijd enkelvoud — straaldenverleden tijd meervoud — gestraaldvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | straal | straalde |
| jij | straalt | straalde |
| hij, zij, het | straalt | straalde |
| wij | stralen | straalden |
| jullie | stralen | straalden |
| zij | stralen | straalden |
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| er is gestraald | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gestraald | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gestraald | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gestraald | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gestraald worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gestraald zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gestraald worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gestraald zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gestraald | verleden tijd, deelwoord |
| gestraald te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gestraald zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gestraald | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gestraald | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gestraald | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gestraald | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gestraald | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gestraald | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gestraald | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gestraald | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gestraald | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gestraald | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gestraald | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gestraald | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gestraald | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gestraald | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gestraald | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| straal | gebiedende wijs |
| straalde | verleden tijd |
| strale | aanvoegende wijs |
| stralend | onvoltooid, deelwoord |
| te hebben gestraald | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te stralen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen stralen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| zal gestraald hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gestraald hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gestraald hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal stralen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal stralen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal stralen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zou gestraald hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gestraald hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gestraald hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou stralen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou stralen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou stralen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gestraald hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gestraald hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gestraald hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden stralen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden stralen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden stralen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gestraald hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt stralen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gestraald hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gestraald hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gestraald hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen stralen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen stralen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen stralen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen stralen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gestraald hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult stralen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord straal
Herkomst
In de betekenis van ‘zakken voor examen’ voor het eerst aangetroffen in 1935
Woordfamilie van stralen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gestraald | voltooid deelwoord | stralen |
| straalde | verleden tijd | stralen |
| straalden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | stralen |
| straalt | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | stralen |
| strale | aanvoegende wijs | stralen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van stralen zijn vastgelegd.