recitatief
zelfstandig naamwoord ˌresitaˈtifBetekenis
- gedeelte in een opera e.d. op de manier van de gesproken rede
Hoe spreek je recitatief uit?
/ˌresitaˈtif/
Recitatief bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de vierde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| r | rood |
| e | veel |
| s | sok |
| i | riet |
| t | tak |
| a | maan |
| f | fiets |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| recitatiefje | verkleinwoord, enkelvoud |
| recitatiefjes | verkleinwoord, meervoud |
| recitatieven | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘het zingend spreken’ voor het eerst aangetroffen in 1885
Woordfamilie van recitatief
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| recitatiefje | verkleinwoord | recitatief |
| recitatiefjes | verkleinwoord meervoud | recitatief |
| recitatieven | meervoud | recitatief |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van recitatief zijn vastgelegd.