overgangstijd
zelfstandig naamwoord ˈovərɣɑŋsˌtɛitBetekenis
- periode waarin men overgaat van de ene naar een andere situatie; periode met veel veranderingen
- periode dat een vrouw steeds minder menstruaties krijgt totdat ze in het geheel niet meer menstrueert
Hoe spreek je overgangstijd uit?
/ˈovərxɑŋsˌtɛit/
Overgangstijd bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| o | boot |
| v | vis |
| ə | de |
| r | rood |
| x | acht |
| ɑ | bad |
| ŋ | ding |
| s | sok |
| t | tak |
| ɛi | trein |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| overgangstijden | meervoud |
Herkomst
samenstelling van overgang zn en tijd zn met het invoegsel -s-
Woordfamilie van overgangstijd
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| overgangstijden | meervoud | overgangstijd |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van overgangstijd zijn vastgelegd.