overcapaciteit
zelfstandig naamwoord ˈovərˌkapasiˌtɛitBetekenis
- het vermogen dat nog in reserve is bij normale belasting
- onderbenutting
Hoe spreek je overcapaciteit uit?
/ˈovərˌkapasiˌtɛit/
Overcapaciteit bestaat uit zes lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| o | boot |
| v | vis |
| ə | de |
| r | rood |
| k | kat |
| a | maan |
| p | pak |
| s | sok |
| i | riet |
| t | tak |
| ɛi | trein |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| overcapaciteiten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van over en capaciteit zn
Woordfamilie van overcapaciteit
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| overcapaciteiten | meervoud | overcapaciteit |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van overcapaciteit zijn vastgelegd.