legitimatie
zelfstandig naamwoord ˌleɣitiˈma(t)siBetekenis
- documenten waarmee je kunt tonen wie je bent, legitimatiebewijs
- het tonen van die documenten
- wettiging, legitimiteit, het recht van de heerser om te heersen
Hoe spreek je legitimatie uit?
/ˌlexitiˈmatsi/
Legitimatie bestaat uit vijf lettergrepen. De klemtoon ligt op de vierde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| l | land |
| e | veel |
| x | acht |
| i | riet |
| t | tak |
| m | maan |
| a | maan |
| s | sok |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| legitimaties | meervoud |
| legitimatietje | verkleinwoord, enkelvoud |
| legitimatietjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
van legitimeren met het achtervoegsel -atie
Woordfamilie van legitimatie
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| legitimaties | meervoud | legitimatie |
| legitimatietje | verkleinwoord | legitimatie |
| legitimatietjes | verkleinwoord meervoud | legitimatie |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van legitimatie zijn vastgelegd.