beer
zelfstandig naamwoord, werkwoord berBetekenis
- van de roofdieren
- lomp mens
- rekening, schuldeiser
- uitermate, heel erg (als eerste deel van samengestelde bijvoeglijke naamwoorden, altijd geschreven als bere-, vanwege WikiWoordenboek:Leidraad-2005.F|spellingregel 8.F
- (bij uitbreiding) mannelijke cavia
- gemetselde dam in een vestinggracht die het water in de gracht scheidt van zout of sterk stromend water van de zee, meer of rivier waaraan de vesting gelegen is.
- gier, vooral de inhoud van een aalput
- ondiepte, een plaats waar stromend water betrekkelijk rustig is, zodat slik bezinkt.
- (Zuid-Nederlands) stormram
- (Zuid-Nederlands) heiblok
- stutpilaar
- bier
- een mannelijk varken
Hoe spreek je beer uit?
/ber/
Beer bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| e | veel |
| r | rood |
zelfstandig naamwoord — masculine
- groot viervoetig zoogdier uit de familie Ursidae
- forse, ruige man figuratively
- uitermate, heel erg (als eerste deel van samengestelde bijvoeglijke naamwoorden, altijd geschreven als bere-, vanwege spellingregel 8.F informal, intensifier, prefix
- een zware drukkende kracht
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| beertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| beertjes | verkleinwoord, meervoud |
| beren | meervoud |
zelfstandig naamwoord — masculine
- mannelijk varken (Suidae)
- mannelijke cavia
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| beertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| beertjes | verkleinwoord, meervoud |
| beren | meervoud |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| beertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| beertjes | verkleinwoord, meervoud |
| beren | meervoud |
zelfstandig naamwoord — masculine
- stormram
- heiblok
- stutpilaar, steunbeer
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| beertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| beertjes | verkleinwoord, meervoud |
| beren | meervoud |
zelfstandig naamwoord — masculine
- een vlinder die behoort tot de beervlinders Arctiinae, een onderfamilie van de spinneruilen Erebidae
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| beertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| beertjes | verkleinwoord, meervoud |
| beren | meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van beren
- gebiedende wijs van beren
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van beren
Vervoeging van beer
beerhele werkwoord
Woordfamilie van beer
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| beertje | verkleinwoord | beer |
| beertjes | verkleinwoord meervoud | beer |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van beer zijn vastgelegd.