elastomeer
zelfstandig naamwoord elɑsto'merBetekenis
- een polymeer met rubberachtige eigenschappen
Hoe spreek je elastomeer uit?
/elɑstoˈmer/
Elastomeer bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de vierde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| e | veel |
| l | land |
| ɑ | bad |
| s | sok |
| t | tak |
| o | boot |
| m | maan |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| elastomeren | meervoud |
Woordfamilie van elastomeer
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| elastomeren | meervoud | elastomeer |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van elastomeer zijn vastgelegd.