smeer
zelfstandig naamwoord, werkwoord smerBetekenis
- vet (om iets te smeren)
- vettig vuil
Hoe spreek je smeer uit?
/smer/
Smeer bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| m | maan |
| e | veel |
| r | rood |
zelfstandig naamwoord
- dierlijk vet obsolete
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| smeertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| smeertjes | verkleinwoord, meervoud |
| smeren | meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van smeren
- gebiedende wijs van smeren
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van smeren
Vervoeging van smeer
smeerhele werkwoord
Herkomst
erfwoord via Middelnederlands smeer /smere van Oudnederlands smero, in de betekenis van ‘vet’ voor het eerst aangetroffen in 901
Woordfamilie van smeer
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| smeertje | verkleinwoord | smeer |
| smeertjes | verkleinwoord meervoud | smeer |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van smeer zijn vastgelegd.