schorseneer
zelfstandig naamwoord ˌsxɔrsəˈnerBetekenis
- Scorzonera, een plantenwortel die als groente gegeten wordt
Hoe spreek je schorseneer uit?
/ˌsxɔrsəˈner/
Schorseneer bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| x | acht |
| ɔ | bot |
| r | rood |
| ə | de |
| n | nek |
| e | veel |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- een geslacht Scorzonera uit de composietenfamilie (Asteraceae of Compositae) waarvan de wortel als groente gegeten wordt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| schorseneertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| schorseneertjes | verkleinwoord, meervoud |
| schorseneren | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘plant’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1663
Woordfamilie van schorseneer
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| schorseneertje | verkleinwoord | schorseneer |
| schorseneertjes | verkleinwoord meervoud | schorseneer |
| schorseneren | meervoud | schorseneer |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van schorseneer zijn vastgelegd.