berenlul
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het mannelijk (reproductief) orgaan van een beer
- frikandel
- slaapzak M52 van de Nederlandse landmacht, opgerold in een helft van een zogeheten puptent die over de ransel (met aangehangen pukkel) wordt vastgemaakt met kruisriemen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| berenlullen | meervoud |
Herkomst
In de betekenis van 'kroket of frikadel' voor het eerst aangetroffen in het jaar 1987
Woordfamilie van berenlul
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| berenlullen | meervoud | berenlul |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van berenlul zijn vastgelegd.