back
zelfstandig naamwoord, werkwoord bɛkBetekenis
- verdediger, achterspeler
- achter(kant)
- terug
Hoe spreek je back uit?
/bɛk/
Back bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ɛ | bed |
| k | kat |
Klinkt hetzelfde als bek.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| backs | meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van backen
- gebiedende wijs van backen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van backen
Vervoeging van back
backhele werkwoord
Herkomst
van Engels back, in de betekenis van ‘achterspeler’ aangetroffen vanaf 1899
Woordfamilie van back
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| backs | meervoud | back |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van back zijn vastgelegd.