backstage
bijwoord, zelfstandig naamwoord ˈbɛkstetʃBetekenis
- achter de schermen, wat het publiek niet ziet
Hoe spreek je backstage uit?
/ˈbɛkstetʃ/
Backstage bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ɛ | bed |
| k | kat |
| s | sok |
| t | tak |
| e | veel |
| ʃ | sjaal |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
bijwoord
- achter de schermen, niet zichtbaar voor het publiek
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- ruimte achter het podium van een voorstelling, waar artiesten en technici buiten zicht van het publiek kunnen verblijven
Herkomst
van Engels backstage; sinds eind 20e eeuw bekend in het Nederlands
Woordfamilie van backstage
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| backstages | meervoud | backstage |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van backstage zijn vastgelegd.