verstek
zelfstandig naamwoord /vərˈstɛk/Betekenis
- afwezigheid wanneer men verwacht wordt aanwezig te zijn
- een niet-haakse hoek waaronder iets afgezaagd wordt
Hoe spreek je verstek uit?
/vərˈstɛk/
Verstek bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| v | vis |
| ə | de |
| r | rood |
| s | sok |
| t | tak |
| ɛ | bed |
| k | kat |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| verstekken | meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘afwezigheid bij rechtszitting’ voor het eerst aangetroffen in 1551
Woordfamilie van verstek
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| verstekken | meervoud | verstek |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verstek zijn vastgelegd.