winteruur
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de standaardtijd / wintertijd / die in het najaar weer ingaat na de zomertijd
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| winteruren | meervoud |
Herkomst
samenstelling van winter zn en uur zn
Woordfamilie van winteruur
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| winteruren | meervoud | winteruur |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van winteruur zijn vastgelegd.