schrap
zelfstandig naamwoord, bijwoord, werkwoord /sχrɑp/Betekenis
- een beschadiging van een oppervlak gemaakt door de beweging van een scherp voorwerp erover
- een streep gezet door iets
- zich ~ zetten: zich voorbereiden op een verwachte tegenslag
Hoe spreek je schrap uit?
/sxrɑp/
Schrap bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| x | acht |
| r | rood |
| ɑ | bad |
| p | pak |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- een schuine streep (/), wat een leesteken is, en in computerterminologie ook (forward) slash, wat een scheidingsteken of operator is.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| schrapje | verkleinwoord, enkelvoud |
| schrapjes | verkleinwoord, meervoud |
| schrappen | meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van schrappen
- gebiedende wijs van schrappen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van schrappen
Vervoeging van schrap
schraphele werkwoord
Herkomst
In de betekenis van ‘inkrassing’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1573
Woordfamilie van schrap
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| schrapje | verkleinwoord | schrap |
| schrapjes | verkleinwoord meervoud | schrap |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van schrap zijn vastgelegd.