Naar de inhoud

schranzen

met gretigheid en veel eten

schranzen

werkwoord

Betekenis

  1. met gretigheid en veel eten

Vervoeging van schranzen

schranzenhele werkwoord — schransdeverleden tijd enkelvoud — schransdenverleden tijd meervoud — geschransdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik schrans schransde
jij schranst schransde
hij, zij, het schranst schransde
wij schranzen schransden
jullie schranzen schransden
zij schranzen schransden
Alle 64 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is geschransd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was geschransd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd geschransd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt geschransd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal geschransd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal geschransd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou geschransd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou geschransd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
geschransd verleden tijd, deelwoord
geschransd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geschransd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geschransd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geschransd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geschransd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geschransd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geschransd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geschransd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geschransd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geschransd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geschransd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geschransd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geschransd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geschransd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geschransd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geschransd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geschransd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
schrans gebiedende wijs
schransde verleden tijd
schransen
schranze aanvoegende wijs
schranzend onvoltooid, deelwoord
te hebben geschransd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te schranzen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen schranzen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal geschransd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geschransd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geschransd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal schranzen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal schranzen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal schranzen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou geschransd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geschransd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geschransd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou schranzen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou schranzen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou schranzen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geschransd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geschransd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geschransd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden schranzen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden schranzen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden schranzen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geschransd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt schranzen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geschransd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geschransd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geschransd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen schranzen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen schranzen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen schranzen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen schranzen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult geschransd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult schranzen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordfamilie van schranzen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
geschransd voltooid deelwoord schranzen
schransde verleden tijd schranzen
schransden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon schranzen
schranze aanvoegende wijs schranzen
schranzend onvoltooid deelwoord schranzen
schranzende woordvorm schranzen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van schranzen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over schranzen

Wat is de betekenis van schranzen?
Schranzen is een werkwoord. De betekenis is: met gretigheid en veel eten.
Hoe vervoeg ik schranzen?
Zo vervoeg je schranzen zo: de tegenwoordige tijd is schrans, de verleden tijd is schransde en het voltooid deelwoord is geschransd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord schranzen is 21 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. C 5
  3. H 4
  4. R 2
  5. A 1
  6. N 1
  7. Z 4
  8. E 1
  9. N 1
  10. 21 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

schranzen levert met Wordfeud minimaal 22 en maximaal 96 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. C 5
  3. H 4
  4. R 2
  5. A 1
  6. N 1
  7. Z 5
  8. E 1
  9. N 1
  10. 22 zonder bonus
  11. 96 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

schranzen in het kort

schranzen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van schranzen staan er 41 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort schranzen bij een woordfamilie van 6 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

schranzen: met gretigheid en veel eten
Deel schranzen — standaardnederlands.nl