Naar de inhoud

schrappen

met een scherp voorwerp zoals een mes de oppervlaktelaag verwijderen

schrappen is meer dan één woord

schrappen

werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈsxrɑpə(n)

Betekenis

  1. met een scherp voorwerp zoals een mes de oppervlaktelaag verwijderen
  2. doorhalen, verwijderen van een lijst
  3. bezuinigen, een einde maken aan een programma of uitgavenpost
  4. (met betrekking tot banen) ontslaan

Hoe spreek je schrappen uit?

/ˈsxrɑpən/

Schrappen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈsxrɑpən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
s sok
x acht
r rood
ɑ bad
p pak
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

werkwoord

  1. ontslaan

Vervoeging van schrappen

schrappenhele werkwoord — schrapteverleden tijd enkelvoud — schraptenverleden tijd meervoud — geschraptvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik schrap schrapte
jij schrapt schrapte
hij, zij, het schrapt schrapte
wij schrappen schrapten
jullie schrappen schrapten
zij schrappen schrapten
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is geschrapt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was geschrapt impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd geschrapt impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt geschrapt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal geschrapt worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal geschrapt zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou geschrapt worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou geschrapt zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
geschrapt verleden tijd, deelwoord
geschrapt te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geschrapt zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geschrapt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geschrapt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geschrapt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geschrapt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geschrapt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geschrapt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geschrapt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geschrapt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geschrapt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geschrapt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geschrapt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geschrapt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geschrapt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geschrapt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geschrapt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
schrap gebiedende wijs
schrappe aanvoegende wijs
schrappend onvoltooid, deelwoord
schrapte verleden tijd
te hebben geschrapt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te schrappen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen schrappen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal geschrapt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geschrapt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geschrapt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal schrappen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal schrappen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal schrappen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou geschrapt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geschrapt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geschrapt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou schrappen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou schrappen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou schrappen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geschrapt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geschrapt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geschrapt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden schrappen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden schrappen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden schrappen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geschrapt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt schrappen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geschrapt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geschrapt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geschrapt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen schrappen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen schrappen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen schrappen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen schrappen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult geschrapt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult schrappen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord schrap

Herkomst

In de betekenis van ‘(weg)strepen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1406

Woordfamilie van schrappen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
geschrapt voltooid deelwoord schrappen
geschrapte woordvorm schrappen
schrappe aanvoegende wijs schrappen
schrappend onvoltooid deelwoord schrappen
schrappende woordvorm schrappen
schrapt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon schrappen
schrapte verleden tijd schrappen
schrapten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon schrappen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van schrappen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over schrappen

Hoe spreek je schrappen uit?
De uitspraak van schrappen is: /ˈsxrɑpə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent schrappen?
Schrappen is een werkwoord. Het woord betekent: met een scherp voorwerp zoals een mes de oppervlaktelaag verwijderen. Deze pagina beschrijft 5 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je schrappen?
Je vervoegt schrappen als volgt: de tegenwoordige tijd is schrap, de verleden tijd is schrapte en het voltooid deelwoord is geschrapt. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op schrappen?

Schrappen rijmt op 29 woorden op -appen; trappen, stappen en snappen bijvoorbeeld. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op schrappen, uitspraak ˈsxrɑpən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
trappen 2
stappen 2
snappen 2
kappen 2
klappen 2
pappen 2
ginnegappen 4
lappen 2
overlappen 4
vertrappen 3
tjappen 2
vertappen 3
aalbessensappen 5
aartsbroederschappen 5
afschermkappen 5
berkensappen 4
beschermkappen 5
bijbelwetenschappen 6
frappen 2
geowetenschappen 6
ingenieurswetenschappen 7
kamerlidmaatschappen 6
lammetjespappen 5
maïspappen 4
maïzenapappen 5
sappen 2
wandbeenkwabben 4
wandbeenskwabben 4
zeileigenschappen 5

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord schrappen is 22 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. C 5
  3. H 4
  4. R 2
  5. A 1
  6. P 3
  7. P 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 22 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

schrappen levert met Wordfeud minimaal 24 en maximaal 102 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. C 5
  3. H 4
  4. R 2
  5. A 1
  6. P 4
  7. P 4
  8. E 1
  9. N 1
  10. 24 zonder bonus
  11. 102 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

schrappen in het kort

schrappen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Hierboven staan 5 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van schrappen zijn 40 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort schrappen bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

schrappen: met een scherp voorwerp zoals een mes de oppervlaktelaag verwijderen
Deel schrappen — standaardnederlands.nl