aartsbroederschap
zelfstandig naamwoord ˈartsbrudərˌsxɑpBetekenis
- (katholicisme) verband van vrome gelovigen voor een religieus doel dat een centrale rol speelt binnen een groep van verwante soortgelijke verbanden
Hoe spreek je aartsbroederschap uit?
/ˈartsbrudərˌsxɑp/
Aartsbroederschap bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| a | maan |
| r | rood |
| t | tak |
| s | sok |
| b | bak |
| u | boek |
| d | dak |
| ə | de |
| x | acht |
| ɑ | bad |
| p | pak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
zelfstandig naamwoord
- verband van vrome gelovigen voor een religieus doel dat een centrale rol speelt binnen een groep van verwante soortgelijke verbanden
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| aartsbroederschappen | meervoud |
Herkomst
afgeleid van broederschap met het voorvoegsel aarts-
Woordfamilie van aartsbroederschap
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| aartsbroederschappen | meervoud | aartsbroederschap |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van aartsbroederschap zijn vastgelegd.