dubloen
zelfstandig naamwoord dy'blunBetekenis
- oude Spaanse munt
Hoe spreek je dubloen uit?
/dyˈblun/
Dubloen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| y | fuut |
| b | bak |
| l | land |
| u | boek |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- oude Spaanse gouden munt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| dubloenen | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Spaans, in de betekenis van ‘dubbele dukaat’ voor het eerst aangetroffen in 1596
Woordfamilie van dubloen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| dubloenen | meervoud | dubloen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van dubloen zijn vastgelegd.