Naar de inhoud

verlagen

op een lager peil brengen

verlagen

werkwoord /vərˈlaxə(n)/

Betekenis

  1. op een lager peil brengen

Hoe spreek je verlagen uit?

/vərˈlaxən/

Verlagen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.

De tekens in /vərˈlaxən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
v vis
ə de
r rood
l land
a maan
x acht
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van verlagen

verlagenhele werkwoord — verlaagdeverleden tijd enkelvoud — verlaagdenverleden tijd meervoud — verlaagdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik verlaag verlaagde
jij verlaagt verlaagde
hij, zij, het verlaagt verlaagde
wij verlagen verlaagden
jullie verlagen verlaagden
zij verlagen verlaagden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is verlaagd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was verlaagd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd verlaagd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt verlaagd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal verlaagd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal verlaagd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou verlaagd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou verlaagd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had verlaagd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had verlaagd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had verlaagd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden verlaagd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden verlaagd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden verlaagd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt verlaagd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verlaagd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben verlaagd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te verlagen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen verlagen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verlaag gebiedende wijs
verlaagd verleden tijd, deelwoord
verlaagd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verlaagd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verlaagd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verlaagd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verlaagd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verlaagd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verlaagd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verlaagd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verlaagd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
verlaagd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verlaagde verleden tijd
verlage aanvoegende wijs
verlagend onvoltooid, deelwoord
waart verlaagd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verlaagd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren verlaagd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verlaagd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was verlaagd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was verlaagd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was verlaagd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd verlaagd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd verlaagd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd verlaagd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden verlaagd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden verlaagd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden verlaagd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt verlaagd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word verlaagd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden verlaagd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden verlaagd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden verlaagd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt verlaagd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt verlaagd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal verlaagd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verlaagd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal verlaagd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal verlaagd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verlaagd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verlagen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal verlagen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal verlagen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou verlaagd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verlaagd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verlaagd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verlaagd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verlaagd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verlaagd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verlagen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou verlagen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou verlagen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden verlaagd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verlaagd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verlaagd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verlaagd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verlaagd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verlaagd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verlagen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verlagen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verlagen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt verlaagd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verlaagd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verlagen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen verlaagd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verlaagd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verlaagd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verlaagd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verlaagd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verlaagd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verlagen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen verlagen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verlagen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verlagen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult verlaagd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verlaagd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verlagen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud verleden tijd van verliggen

Vervoeging van verlagen

verlagenhele werkwoord — verlaagdeverleden tijd enkelvoud — verlaagdenverleden tijd meervoud — verlaagdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik verlaag verlaagde
jij verlaagt verlaagde
hij, zij, het verlaagt verlaagde
wij verlagen verlaagden
jullie verlagen verlaagden
zij verlagen verlaagden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is verlaagd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was verlaagd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd verlaagd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt verlaagd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal verlaagd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal verlaagd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou verlaagd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou verlaagd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had verlaagd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had verlaagd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had verlaagd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden verlaagd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden verlaagd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden verlaagd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt verlaagd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verlaagd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben verlaagd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te verlagen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen verlagen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verlaag gebiedende wijs
verlaagd verleden tijd, deelwoord
verlaagd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verlaagd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verlaagd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verlaagd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verlaagd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verlaagd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verlaagd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verlaagd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verlaagd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
verlaagd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verlaagde verleden tijd
verlage aanvoegende wijs
verlagend onvoltooid, deelwoord
waart verlaagd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verlaagd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren verlaagd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verlaagd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was verlaagd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was verlaagd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was verlaagd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd verlaagd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd verlaagd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd verlaagd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden verlaagd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden verlaagd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden verlaagd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt verlaagd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word verlaagd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden verlaagd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden verlaagd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden verlaagd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt verlaagd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt verlaagd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal verlaagd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verlaagd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal verlaagd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal verlaagd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verlaagd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verlagen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal verlagen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal verlagen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt verlaagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou verlaagd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verlaagd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verlaagd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verlaagd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verlaagd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verlaagd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verlagen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou verlagen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou verlagen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden verlaagd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verlaagd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verlaagd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verlaagd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verlaagd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verlaagd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verlagen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verlagen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verlagen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt verlaagd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verlaagd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verlagen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen verlaagd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verlaagd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verlaagd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verlaagd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verlaagd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verlaagd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verlagen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen verlagen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verlagen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verlagen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult verlaagd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verlaagd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verlaagd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verlagen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Afgeleid van laag met het voorvoegsel ver-.

Woordfamilie van verlagen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
verlaag gebiedende wijs verlagen
verlaagd voltooid deelwoord verlagen
verlaagde verleden tijd verlagen
verlaagden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon verlagen
verlaagt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon verlagen
verlage aanvoegende wijs verlagen
verlagend onvoltooid deelwoord verlagen
verlagende woordvorm verlagen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verlagen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over verlagen

Hoe spreek je verlagen uit?
De uitspraak van verlagen is: /vərˈlaxə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd.
Wat betekent verlagen?
Verlagen is een werkwoord. Het woord betekent: op een lager peil brengen.
Hoe vervoeg je verlagen?
Je vervoegt verlagen als volgt: de tegenwoordige tijd is verlaag, de verleden tijd is verlaagde en het voltooid deelwoord is verlaagd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op verlagen?

In dit woordenboek rijmen 53 woorden op -agen op verlagen, zoals aanhangwagen, jagen en dragen. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op verlagen, uitspraak vərˈlaxən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
aanhangwagen 4
jagen 2
dragen 2
slagen 2
vragen 2
verdragen 3
wagen 2
zagen 2
bedragen 3
aangeslagen 4
terneergeslagen 5
behagen 3
gedragen 3
misdragen 3
dagen 2
klagen 2
vuilniswagen 4
knagen 2
beklagen 3
ondervragen 4
versagen 3
ziekenwagen 4
verdagen 3
ragen 2
wandelwagen 4
zelfbehagen 5
klassewagen 4
pipowagen 4
reportagewagen 6
welbehagen 4
ossenwagen 4
voldragen 3
aangedragen 4
afgedragen 4
herzagen 3
infodagen 4
jurywagen 4
kermiswagen 4
lagen 2
losgeslagen 4
Nog 13 rijmwoorden
lubbenkragen 4
molenkragen 4
molensteenkragen 5
onderzoeksvragen 5
ontzagen 3
ooggetuigenverslagen 7
processiedagen 5
regenvlagen 4
sarcofagen 4
stapelwagen 4
subonderzoeksvragen 6
verslagen 3
vlagen 2

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord verlagen is 16 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. L 3
  5. A 1
  6. G 3
  7. E 1
  8. N 1
  9. 16 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

verlagen levert met Wordfeud minimaal 16 en maximaal 72 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. L 3
  5. A 1
  6. G 3
  7. E 1
  8. N 1
  9. 16 zonder bonus
  10. 72 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

verlagen in het kort

verlagen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van verlagen zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort verlagen bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

verlagen: op een lager peil brengen
Deel verlagen — standaardnederlands.nl