smeerpijp
zelfstandig naamwoordBetekenis
- afvoerpijp waardoor ongezuiverd afvalwater geloosd wordt
- smeerpoets, viezerik, vuilak, smeerlap
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| smeerpijpen | meervoud |
| smeerpijpje | verkleinwoord, enkelvoud |
| smeerpijpjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van smeer ww en pijp
Woordfamilie van smeerpijp
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| smeerpijpen | meervoud | smeerpijp |
| smeerpijpje | verkleinwoord | smeerpijp |
| smeerpijpjes | verkleinwoord meervoud | smeerpijp |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van smeerpijp zijn vastgelegd.