vloot
zelfstandig naamwoord, werkwoord /vloːt/Betekenis
- bij elkaar horende schepen
- bij elkaar horende vliegtuigen
Hoe spreek je vloot uit?
/vlot/
Vloot bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| v | vis |
| l | land |
| o | boot |
| t | tak |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- groep bij elkaar horende schepen
- groep bij elkaar horende vliegtuigen
- ondiepe kuip of ondiep bakje, met name gebruikt voor het bewaren van boter zn
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| vlootje | verkleinwoord, enkelvoud |
| vlootjes | verkleinwoord, meervoud |
| vloten | meervoud |
Woordvorm
- enkelvoud verleden tijd van vlieten
Vervoeging van vloot
vloothele werkwoord
Herkomst
van Middelnederlands vlote, verwant met vlieten zn **[1] in de betekenis van ‘samen varende schepen’ voor het eerst aangetroffen in 1376