Naar de inhoud

huisgenoot

mensen met wie men in één huis woont, zonder dat er noodzakelijkerwijs ook één huishouding wordt gevoerd

huisgenoot

zelfstandig naamwoord ˈhœysxeˌnot

Betekenis

  1. mensen met wie men in één huis woont, zonder dat er noodzakelijkerwijs ook één huishouding wordt gevoerd
  2. medebewoner

Hoe spreek je huisgenoot uit?

/ˈhœysxeˌnot/

Huisgenoot bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈhœysxeˌnot/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
h hoed
œy huis
s sok
x acht
e veel
n nek
o boot
t tak
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint
ˌ een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon

Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)

Vorm Grammaticale informatie
huisgenootje verkleinwoord, enkelvoud
huisgenootjes verkleinwoord, meervoud
huisgenoten meervoud

Herkomst

samenstelling van huis en genoot

Woordfamilie van huisgenoot

Woordvorm Relatie Afgeleid van
huisgenootje verkleinwoord huisgenoot
huisgenootjes verkleinwoord meervoud huisgenoot
huisgenoten meervoud huisgenoot

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van huisgenoot zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over huisgenoot

Hoe spreek je huisgenoot uit?
De uitspraak van huisgenoot is: /ˈhœysxeˌnot/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent huisgenoot?
Huisgenoot is een zelfstandig naamwoord. Het woord betekent: mensen met wie men in één huis woont, zonder dat er noodzakelijkerwijs ook één huishouding wordt gevoerd. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe verbuig je huisgenoot?
Bij huisgenoot geldt: het meervoud is huisgenoten. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.
Hoe verklein je huisgenoot?
Het verkleinwoord van huisgenoot is huisgenootje, dus een het-woord. In het meervoud wordt dat huisgenootjes.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op huisgenoot?

Op huisgenoot rijmen 146 woorden, onder andere groot, boot en echtgenoot. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op huisgenoot, uitspraak ˈhœysxeˌnot, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
groot 1
boot 1
echtgenoot 3
duizendpoot 3
vloot 1
jood 1
lood 1
beukennoot 3
brood 1
rood 1
bondgenoot 3
goot 1
noot 1
tarwebrood 3
poot 1
dood 1
schoot 1
motorboot 3
reddingsboot 3
watersnood 3
eekhoorntjesbrood 5
asymptoot 3
sloot 1
hongersnood 3
exoot 2
nood 1
stoot 1
coat 1
ternauwernood 3
idioot 3
homozygoot 4
tafelpoot 3
hazelnoot 3
quote 1
loot 1
bloot 1
infrarood 3
tijdgenoot 3
gelood 2
wittebrood 3
Nog 60 rijmwoorden

Er zijn er 146 in totaal; hier staan de kortste 100.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord huisgenoot is 20 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. H 4
  2. U 4
  3. I 1
  4. S 2
  5. G 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. O 1
  9. O 1
  10. T 2
  11. 20 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

huisgenoot levert met Wordfeud minimaal 19 en maximaal 81 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. H 4
  2. U 2
  3. I 2
  4. S 2
  5. G 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. O 1
  9. O 1
  10. T 2
  11. 19 zonder bonus
  12. 81 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (H) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

huisgenoot in het kort

huisgenoot staat in dit woordenboek als zelfstandig naamwoord. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van huisgenoot zijn 3 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort huisgenoot bij een woordfamilie van 3 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

huisgenoot: mensen met wie men in één huis woont, zonder dat er noodzakelijkerwijs ook één huishouding wordt gevoerd
Deel huisgenoot — standaardnederlands.nl