koekebrood
zelfstandig naamwoord ˈkukəˌbrotBetekenis
- een gebakken meelproduct dat gemaakt wordt van bloem, water, gist, zout, olie en rozijnen
Hoe spreek je koekebrood uit?
/ˈkukəˌbrot/
Koekebrood bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| u | boek |
| ə | de |
| b | bak |
| r | rood |
| o | boot |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
zelfstandig naamwoord — neuter
- gebakken meelproduct dat gemaakt wordt van bloem, water, gist, zout, olie en rozijnen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| koekebroden | meervoud |
| koekebroodje | verkleinwoord, enkelvoud |
| koekebroodjes | verkleinwoord, meervoud |
| koekenbrood |
Herkomst
samenstelling van koek zn en brood zn met het invoegsel -e- , geschreven zonder tussen-n volgens spellingregel 8.C
Woordfamilie van koekebrood
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| koekebroden | meervoud | koekebrood |
| koekebroodje | verkleinwoord | koekebrood |
| koekebroodjes | verkleinwoord meervoud | koekebrood |
| koekenbrood | woordvorm | koekebrood |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van koekebrood zijn vastgelegd.