rust
zelfstandig naamwoord, werkwoord /rɵst/Betekenis
- een tijdloze toestand van kalmte en beheersing die niet wordt verstoord door onverwachte bewegingen of geluiden, en die geen bedreigingen kent
- een tijdelijke toestand van ontspanning en herstel na arbeid, moeite of inspanning
- een periode van weinig of geen activiteit, van ontspanning, bezinning en herstel
- een onderbreking van een wedstrijd voor ontspanning en herstel
- een moment of periode in een muziekstuk waarin één of meer instrumenten geluidloos zijn
- een steunpunt voor hand of voet
- een stevige klamp of brede rand die buitenboord op dekhoogte van een zeilschip is aangebracht, om er het want aan te bevestigen
- roesten
Hoe spreek je rust uit?
/rɵst/
Rust bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| r | rood |
| ɵ | put |
| s | sok |
| t | tak |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- voortdurende toestand van kalmte en beheersing die niet wordt verstoord door onverwachte bewegingen of geluiden, en die geen bedreigingen kent
- tijdelijke toestand van ontspanning en herstel na arbeid, moeite of inspanning
- periode van weinig of geen activiteit, van ontspanning, bezinning en herstel
- onderbreking van een wedstrijd voor ontspanning en herstel
- steunpunt voor hand of voet
- stevige klamp of brede rand die buitenboord op dekhoogte van een zeilschip is aangebracht, om er het want aan te bevestigen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| rusten | meervoud |
| rustje | verkleinwoord, enkelvoud |
| rustjes | verkleinwoord, meervoud |
Woordvorm
- enkelvoud tegenwoordige tijd van rusten
- gebiedende wijs van rusten
Vervoeging van rust
rusthele werkwoord
Herkomst
erfwoord via Middelnederlands ruste van Oudnederlands raste "afstandsmaat (tussen rustplaatsen)", in de betekenis van ‘stilte, ontspanning’ aangetroffen vanaf 1240
Woordfamilie van rust
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| rustje | verkleinwoord | rust |
| rustjes | verkleinwoord meervoud | rust |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van rust zijn vastgelegd.