gerust
werkwoord, bijvoeglijk naamwoord, bijwoordBetekenis
- zonder angst of zorg
- op geruste wijze
Woordvorm
- voltooid deelwoord van rusten
Vervoeging van gerust
gerusthele werkwoord
bijwoord
- bijwoordelijk deel van een scheidbaar werkwoord
Herkomst
In de betekenis van ‘kalm’ voor het eerst aangetroffen in 1240
Woordfamilie van gerust
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| geruster | woordvorm | gerust |
| gerustere | woordvorm | gerust |
| gerusters | woordvorm | gerust |
| gerusts | woordvorm | gerust |
| gerustst | woordvorm | gerust |
| gerustste | woordvorm | gerust |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gerust zijn vastgelegd.