rustperiode
zelfstandig naamwoordBetekenis
- tijdsbestek waarin men minder actief is
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| rustperioden | meervoud |
| rustperiodes | meervoud |
Herkomst
samenstelling van rusten ww en periode zn
Woordfamilie van rustperiode
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| rustperioden | meervoud | rustperiode |
| rustperiodes | meervoud | rustperiode |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van rustperiode zijn vastgelegd.