rustpensioen
zelfstandig naamwoordBetekenis
- (België) officiële ouderdomsuitkering voor werknemers
zelfstandig naamwoord — neuter
- officiële ouderdomsuitkering voor werknemers
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| rustpensioenen | meervoud |
| rustpensioentje | verkleinwoord, enkelvoud |
| rustpensioentjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van rust zn en pensioen zn
Woordfamilie van rustpensioen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| rustpensioenen | meervoud | rustpensioen |
| rustpensioentje | verkleinwoord | rustpensioen |
| rustpensioentjes | verkleinwoord meervoud | rustpensioen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van rustpensioen zijn vastgelegd.