Naar de inhoud

rusten

werk of andere activiteit staken om het lichaam in staat te stellen weer op krachten te komen

rusten is meer dan één woord

rusten

werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈrʏstə(n)

Betekenis

  1. werk of andere activiteit staken om het lichaam in staat te stellen weer op krachten te komen

Hoe spreek je rusten uit?

/ˈrʏstən/

Rusten bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈrʏstən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
r rood
ʏ put
s sok
t tak
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

werkwoord

  1. rusten op: steunen op iets
  2. rusten op: stilstaan / niet bewegen

Vervoeging van rusten

rustenhele werkwoord — rustteverleden tijd enkelvoud — rusttenverleden tijd meervoud — gerustvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik rust rustte
jij rust rustte
hij, zij, het rust rustte
wij rusten rustten
jullie rusten rustten
zij rusten rustten
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
gerust verleden tijd, deelwoord
gerust te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gerust zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gerust voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gerust voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gerust voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gerust voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gerust voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gerust voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gerust voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gerust voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gerust actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gerust voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gerust voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gerust voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gerust voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gerust voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gerust voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
rust gebiedende wijs
ruste aanvoegende wijs
rustend onvoltooid, deelwoord
rustte verleden tijd
te hebben gerust actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te rusten actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen rusten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gerust hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gerust hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gerust hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal rusten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal rusten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal rusten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gerust hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gerust hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gerust hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou rusten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou rusten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou rusten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gerust hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gerust hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gerust hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden rusten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden rusten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden rusten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gerust hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt rusten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gerust hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gerust hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gerust hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen rusten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen rusten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen rusten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen rusten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gerust hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult rusten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord rust

Herkomst

In de betekenis van ‘uitrusten, rust nemen’ voor het eerst aangetroffen in 1240

Woordfamilie van rusten

Woordvorm Relatie Afgeleid van
rustte verleden tijd rusten
rustten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon rusten

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van rusten zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over rusten

Hoe spreek je rusten uit?
De uitspraak van rusten is: /ˈrʏstə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent rusten?
Rusten is een werkwoord. Het woord betekent: werk of andere activiteit staken om het lichaam in staat te stellen weer op krachten te komen. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je rusten?
Je vervoegt rusten als volgt: de tegenwoordige tijd is rust, de verleden tijd is rustte en het voltooid deelwoord is gerust. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op rusten?

Op rusten rijmen 4 woorden, onder andere welterusten, lusten en verontrusten. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op rusten, uitspraak ˈrʏstən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
welterusten 2
lusten 2
verontrusten 4
frusten 2

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord rusten is 12 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. R 2
  2. U 4
  3. S 2
  4. T 2
  5. E 1
  6. N 1
  7. 12 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

rusten levert met Wordfeud minimaal 10 en maximaal 42 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. R 2
  2. U 2
  3. S 2
  4. T 2
  5. E 1
  6. N 1
  7. 10 zonder bonus
  8. 42 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (R) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

rusten telt 6 letters, waarvan 6 verschillende. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

rusten in het kort

rusten is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van rusten zijn 31 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort rusten bij een woordfamilie van 2 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

rusten: werk of andere activiteit staken om het lichaam in staat te stellen weer op krachten te komen
Deel rusten — standaardnederlands.nl