Naar de inhoud

leiden

een leidinggevende functie hebben

leiden

werkwoord ˈlɛidə(n)

Betekenis

  1. een leidinggevende functie hebben
  2. tot; iets tot gevolg hebben
  3. naar; sturen, brengen, geleiden

Hoe spreek je leiden uit?

/ˈlɛidən/

Leiden bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈlɛidən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
l land
ɛi trein
d dak
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Klinkt hetzelfde als lijden, amstelveen.

werkwoord

  1. ~ tot; iets tot gevolg hebben
  2. ~ naar; sturen, brengen, geleiden
  3. ~ door: voeren door een bepaald gebied

Vervoeging van leiden

leidenhele werkwoord — leiddeverleden tijd enkelvoud — leiddenverleden tijd meervoud — geleidvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik leid leidde
jij leidt leidde
hij, zij, het leidt leidde
wij leiden leidden
jullie leiden leidden
zij leiden leidden
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is geleid impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was geleid impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd geleid impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt geleid impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal geleid worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal geleid zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou geleid worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou geleid zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
geleid verleden tijd, deelwoord
geleid te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geleid zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geleid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geleid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geleid voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geleid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geleid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geleid voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geleid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geleid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geleid actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geleid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geleid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geleid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geleid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geleid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geleid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
leid gebiedende wijs
leidde verleden tijd
leide aanvoegende wijs
leidend onvoltooid, deelwoord
te hebben geleid actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te leiden actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen leiden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal geleid hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geleid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geleid hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal leiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal leiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal leiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou geleid hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geleid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geleid hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou leiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou leiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou leiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geleid hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geleid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geleid hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden leiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden leiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden leiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geleid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt leiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geleid hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geleid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geleid hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen leiden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen leiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen leiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen leiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult geleid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult leiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

In de betekenis van ‘doen gaan, aanvoeren’ voor het eerst aangetroffen in 901

Woordfamilie van leiden

Woordvorm Relatie Afgeleid van
leid gebiedende wijs leiden
leidde verleden tijd leiden
leidden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon leiden
leide aanvoegende wijs leiden
leidt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon leiden

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van leiden zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over leiden

Hoe spreek ik leiden uit?
Zo spreek je leiden uit: /ˈlɛidə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van leiden?
Leiden is een werkwoord. De betekenis is: een leidinggevende functie hebben. In totaal staan er 6 betekenissen.
Hoe vervoeg ik leiden?
Zo vervoeg je leiden zo: de tegenwoordige tijd is leid, de verleden tijd is leidde en het voltooid deelwoord is geleid. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op leiden?

Er staan 45 woorden in dit woordenboek die op leiden rijmen, waaronder overlijden, vermijden en heiden. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op leiden, uitspraak ˈlɛidən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
overlijden 4
vermijden 3
heiden 2
begeleiden 4
medelijden 4
strijden 2
voorbereiden 4
scheiden 2
lijden 2
bestrijden 3
rijden 2
glijden 2
zijden 2
kastijden 3
onderscheiden 4
schrijden 2
overrijden 4
verleiden 3
bezijden 3
zelfmedelijden 6
verbreiden 3
hongerlijden 4
verwijden 3
ontwijden 3
rekeningrijden 5
aanbestedingsbeleiden 7
aanlooptijden 4
aanrijtijden 4
aanvangstijden 4
amstelveen 2
begeleidden 4
bergweiden 4
binnenleiden 4
breeën 2
breiden 2
emancipatiestrijden 7
gescheiden 3
hondenweiden 4
jaargetijden 4
komkommertijden 5
Nog 5 rijmwoorden
ontvoogdingsstrijden 5
openingstijden 5
prestigestrijden 5
zeiden 2
zorgtijden 4

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord leiden is 9 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. L 3
  2. E 1
  3. I 1
  4. D 2
  5. E 1
  6. N 1
  7. 9 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

leiden levert met Wordfeud minimaal 10 en maximaal 48 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. L 3
  2. E 1
  3. I 2
  4. D 2
  5. E 1
  6. N 1
  7. 10 zonder bonus
  8. 48 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (L) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

leiden telt 6 letters, waarvan 5 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

leiden in het kort

leiden staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 6 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van leiden staan er 40 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort leiden bij een woordfamilie van 5 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

leiden: een leidinggevende functie hebben
Deel leiden — standaardnederlands.nl