begeleiden
werkwoord bəɣəˈlɛidə(n)Betekenis
- iemand op zijn weg vergezellen
- een partij spelen die de harmonische aanvulling is van een solopartij
- helpen, steunen
Hoe spreek je begeleiden uit?
/bəxəˈlɛidən/
Begeleiden bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ə | de |
| x | acht |
| l | land |
| ɛi | trein |
| d | dak |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Klinkt hetzelfde als begeleidden.
Vervoeging van begeleiden
begeleidenhele werkwoord — begeleiddeverleden tijd enkelvoud — begeleiddenverleden tijd meervoud — begeleidvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | begeleid | begeleidde |
| jij | begeleidt | begeleidde |
| hij, zij, het | begeleidt | begeleidde |
| wij | begeleiden | begeleidden |
| jullie | begeleiden | begeleidden |
| zij | begeleiden | begeleidden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| begeleid | gebiedende wijs |
| begeleid | verleden tijd, deelwoord |
| begeleid te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| begeleid te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| begeleid te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| begeleid te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| begeleid te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| begeleid worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| begeleid zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| begeleid zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| begeleid zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| begeleid zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| begeleidde | verleden tijd |
| begeleide | aanvoegende wijs |
| begeleidend | onvoltooid, deelwoord |
| ben begeleid | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent begeleid | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is begeleid | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was begeleid | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd begeleid | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt begeleid | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal begeleid worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal begeleid zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou begeleid worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou begeleid zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had begeleid | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had begeleid | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had begeleid | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden begeleid | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden begeleid | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden begeleid | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt begeleid | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb begeleid | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben begeleid | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben begeleid | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben begeleid | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben begeleid | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt begeleid | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft begeleid | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft begeleid | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is begeleid | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is begeleid | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te begeleiden | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben begeleid | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen begeleiden | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart begeleid | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren begeleid | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren begeleid | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren begeleid | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was begeleid | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was begeleid | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was begeleid | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd begeleid | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd begeleid | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd begeleid | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden begeleid | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden begeleid | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden begeleid | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt begeleid | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word begeleid | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden begeleid | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden begeleid | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden begeleid | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt begeleid | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt begeleid | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal begeleid hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal begeleid hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal begeleid hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal begeleid worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal begeleid worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal begeleid zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal begeleid zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal begeleiden | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal begeleiden | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal begeleiden | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn begeleid | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn begeleid | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn begeleid | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt begeleid | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou begeleid hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou begeleid hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou begeleid hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou begeleid worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou begeleid worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou begeleid worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou begeleid zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou begeleid zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou begeleid zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou begeleiden | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou begeleiden | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou begeleiden | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden begeleid hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden begeleid hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden begeleid hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden begeleid worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden begeleid worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden begeleid worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden begeleid zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden begeleid zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden begeleid zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden begeleiden | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden begeleiden | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden begeleiden | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt begeleid hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt begeleid worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt begeleid zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt begeleiden | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen begeleid hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen begeleid hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen begeleid hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen begeleid worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen begeleid worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen begeleid worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen begeleid zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen begeleid zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen begeleid zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen begeleiden | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen begeleiden | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen begeleiden | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen begeleiden | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult begeleid hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult begeleid worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult begeleid zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult begeleiden | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
Afgeleid van geleiden met het voorvoegsel be-
Woordfamilie van begeleiden
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| begeleidde | verleden tijd | begeleiden |
| begeleidden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | begeleiden |
| begeleidt | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | begeleiden |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van begeleiden zijn vastgelegd.