Naar de inhoud

strijden

ondanks weerstand een doel proberen te bereiken

strijden is meer dan één woord

strijden

werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈstrɛidə(n)

Betekenis

  1. ondanks weerstand een doel proberen te bereiken

Hoe spreek je strijden uit?

/ˈstrɛidən/

Strijden bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈstrɛidən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
s sok
t tak
r rood
ɛi trein
d dak
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van strijden

strijdenhele werkwoord — streedverleden tijd enkelvoud — stredenverleden tijd meervoud — gestredenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik strijd streed
jij strijdt streed
hij, zij, het strijdt streed
wij strijden streden
jullie strijden streden
zij strijden streden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
gestreden verleden tijd, deelwoord
gestreden te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gestreden zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gestreden voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gestreden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gestreden voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gestreden voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gestreden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gestreden voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gestreden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gestreden voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gestreden actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gestreden voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gestreden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gestreden voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gestreden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gestreden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gestreden voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
streed verleden tijd
strijd gebiedende wijs
strijde aanvoegende wijs
strijdend onvoltooid, deelwoord
te hebben gestreden actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te strijden actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen strijden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gestreden hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gestreden hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gestreden hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal strijden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal strijden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal strijden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gestreden hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gestreden hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gestreden hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou strijden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou strijden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou strijden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gestreden hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gestreden hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gestreden hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden strijden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden strijden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden strijden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gestreden hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt strijden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gestreden hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gestreden hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gestreden hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen strijden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen strijden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen strijden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen strijden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gestreden hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult strijden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord strijd

Woordfamilie van strijden

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gestreden voltooid deelwoord strijden
streden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon strijden
streed verleden tijd strijden
strijdt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon strijden

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van strijden zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over strijden

Hoe spreek ik strijden uit?
Zo spreek je strijden uit: /ˈstrɛidə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van strijden?
Strijden is een werkwoord. De betekenis is: ondanks weerstand een doel proberen te bereiken.
Hoe vervoeg ik strijden?
Zo vervoeg je strijden zo: de tegenwoordige tijd is strijd, de verleden tijd is streed en het voltooid deelwoord is gestreden. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op strijden?

Strijden rijmt op 45 woorden op -den; overlijden, vermijden en heiden bijvoorbeeld. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op strijden, uitspraak ˈstrɛidən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
overlijden 4
vermijden 3
heiden 2
begeleiden 4
medelijden 4
voorbereiden 4
scheiden 2
lijden 2
bestrijden 3
leiden 2
rijden 2
glijden 2
zijden 2
kastijden 3
onderscheiden 4
schrijden 2
overrijden 4
verleiden 3
bezijden 3
zelfmedelijden 6
verbreiden 3
hongerlijden 4
verwijden 3
ontwijden 3
rekeningrijden 5
aanbestedingsbeleiden 7
aanlooptijden 4
aanrijtijden 4
aanvangstijden 4
amstelveen 2
begeleidden 4
bergweiden 4
binnenleiden 4
breeën 2
breiden 2
emancipatiestrijden 7
gescheiden 3
hondenweiden 4
jaargetijden 4
komkommertijden 5
Nog 5 rijmwoorden
ontvoogdingsstrijden 5
openingstijden 5
prestigestrijden 5
zeiden 2
zorgtijden 4

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord strijden is 15 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. T 2
  3. R 2
  4. I 1
  5. J 4
  6. D 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 15 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

strijden levert met Wordfeud minimaal 16 en maximaal 72 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. T 2
  3. R 2
  4. I 2
  5. J 4
  6. D 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 16 zonder bonus
  10. 72 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (J) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

strijden in het kort

strijden is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Van strijden staan er 33 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort strijden bij een woordfamilie van 4 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

strijden: ondanks weerstand een doel proberen te bereiken
Deel strijden — standaardnederlands.nl