Naar de inhoud

verleiden

tot kwaad brengen

verleiden

werkwoord vərˈlɛidə(n)

Betekenis

  1. tot kwaad brengen
  2. iemand overhalen om iets te doen of te laten
  3. iemand overhalen om een (seksuele) relatie aan te gaan

Hoe spreek je verleiden uit?

/vərˈlɛidən/

Verleiden bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.

De tekens in /vərˈlɛidən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
v vis
ə de
r rood
l land
ɛi trein
d dak
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van verleiden

verleidenhele werkwoord — verleiddeverleden tijd enkelvoud — verleiddenverleden tijd meervoud — verleidvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik verleid verleidde
jij verleidt verleidde
hij, zij, het verleidt verleidde
wij verleiden verleidden
jullie verleiden verleidden
zij verleiden verleidden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben verleid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent verleid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is verleid impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was verleid impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd verleid impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt verleid impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal verleid worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal verleid zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou verleid worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou verleid zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had verleid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had verleid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had verleid voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden verleid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden verleid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden verleid voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt verleid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb verleid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verleid actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben verleid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verleid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben verleid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt verleid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verleid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verleid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is verleid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is verleid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben verleid actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te verleiden actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen verleiden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verleid gebiedende wijs
verleid verleden tijd, deelwoord
verleid te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verleid te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verleid te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verleid te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verleid te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verleid worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verleid zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verleid zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verleid zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
verleid zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verleidde verleden tijd
verleide aanvoegende wijs
verleidend onvoltooid, deelwoord
waart verleid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verleid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren verleid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verleid voltooid, verleden tijd, derde persoon
was verleid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was verleid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was verleid voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd verleid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd verleid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd verleid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden verleid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden verleid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden verleid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt verleid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word verleid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden verleid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden verleid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden verleid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt verleid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt verleid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal verleid hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verleid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal verleid hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verleid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verleid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal verleid zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verleid zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verleiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal verleiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal verleiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn verleid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn verleid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn verleid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt verleid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou verleid hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verleid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verleid hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verleid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verleid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou verleid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verleid zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verleid zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verleid zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verleiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou verleiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou verleiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden verleid hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verleid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verleid hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verleid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verleid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verleid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verleid zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verleid zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verleid zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verleiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verleiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verleiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt verleid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verleid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verleid zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verleiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen verleid hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verleid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verleid hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verleid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verleid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verleid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verleid zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verleid zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verleid zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verleiden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen verleiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verleiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verleiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult verleid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verleid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verleid zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verleiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud verleden tijd van verleien

Vervoeging van verleiden

verleidenhele werkwoord — verleiddeverleden tijd enkelvoud — verleiddenverleden tijd meervoud — verleidvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik verleid verleidde
jij verleidt verleidde
hij, zij, het verleidt verleidde
wij verleiden verleidden
jullie verleiden verleidden
zij verleiden verleidden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben verleid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent verleid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is verleid impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was verleid impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd verleid impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt verleid impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal verleid worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal verleid zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou verleid worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou verleid zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had verleid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had verleid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had verleid voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden verleid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden verleid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden verleid voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt verleid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb verleid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verleid actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben verleid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verleid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben verleid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt verleid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verleid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verleid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is verleid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is verleid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben verleid actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te verleiden actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen verleiden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verleid gebiedende wijs
verleid verleden tijd, deelwoord
verleid te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verleid te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verleid te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verleid te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verleid te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verleid worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verleid zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verleid zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verleid zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
verleid zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verleidde verleden tijd
verleide aanvoegende wijs
verleidend onvoltooid, deelwoord
waart verleid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verleid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren verleid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verleid voltooid, verleden tijd, derde persoon
was verleid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was verleid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was verleid voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd verleid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd verleid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd verleid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden verleid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden verleid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden verleid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt verleid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word verleid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden verleid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden verleid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden verleid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt verleid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt verleid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal verleid hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verleid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal verleid hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verleid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verleid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal verleid zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verleid zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verleiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal verleiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal verleiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn verleid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn verleid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn verleid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt verleid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou verleid hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verleid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verleid hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verleid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verleid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou verleid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verleid zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verleid zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verleid zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verleiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou verleiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou verleiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden verleid hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verleid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verleid hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verleid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verleid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verleid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verleid zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verleid zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verleid zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verleiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verleiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verleiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt verleid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verleid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verleid zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verleiden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen verleid hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verleid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verleid hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verleid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verleid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verleid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verleid zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verleid zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verleid zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verleiden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen verleiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verleiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verleiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult verleid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verleid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verleid zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verleiden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

In de betekenis van ‘van de rechte weg afleiden’ voor het eerst aangetroffen in 1265

Woordfamilie van verleiden

Woordvorm Relatie Afgeleid van
verleidde verleden tijd verleiden
verleidden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon verleiden
verleidend onvoltooid deelwoord verleiden
verleidende woordvorm verleiden
verleidt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon verleiden

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verleiden zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over verleiden

Hoe spreek je verleiden uit?
De uitspraak van verleiden is: /vərˈlɛidə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd.
Wat betekent verleiden?
Verleiden is een werkwoord. Het woord betekent: tot kwaad brengen. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je verleiden?
Je vervoegt verleiden als volgt: de tegenwoordige tijd is verleid, de verleden tijd is verleidde en het voltooid deelwoord is verleid. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op verleiden?

In dit woordenboek rijmen 45 woorden op -den op verleiden, zoals overlijden, vermijden en heiden. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op verleiden, uitspraak vərˈlɛidən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
overlijden 4
vermijden 3
heiden 2
begeleiden 4
medelijden 4
strijden 2
voorbereiden 4
scheiden 2
lijden 2
bestrijden 3
leiden 2
rijden 2
glijden 2
zijden 2
kastijden 3
onderscheiden 4
schrijden 2
overrijden 4
bezijden 3
zelfmedelijden 6
verbreiden 3
hongerlijden 4
verwijden 3
ontwijden 3
rekeningrijden 5
aanbestedingsbeleiden 7
aanlooptijden 4
aanrijtijden 4
aanvangstijden 4
amstelveen 2
begeleidden 4
bergweiden 4
binnenleiden 4
breeën 2
breiden 2
emancipatiestrijden 7
gescheiden 3
hondenweiden 4
jaargetijden 4
komkommertijden 5
Nog 5 rijmwoorden
ontvoogdingsstrijden 5
openingstijden 5
prestigestrijden 5
zeiden 2
zorgtijden 4

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord verleiden is 16 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. L 3
  5. E 1
  6. I 1
  7. D 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 16 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

verleiden levert met Wordfeud minimaal 17 en maximaal 75 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. L 3
  5. E 1
  6. I 2
  7. D 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 17 zonder bonus
  11. 75 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

verleiden in het kort

verleiden staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van verleiden zijn 74 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort verleiden bij een woordfamilie van 5 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

verleiden: tot kwaad brengen
Deel verleiden — standaardnederlands.nl