areaal
zelfstandig naamwoord ˌareˈjalBetekenis
- gebied, oppervlakte
Hoe spreek je areaal uit?
/ˌareˈjal/
Areaal bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| a | maan |
| r | rood |
| e | veel |
| j | ja |
| l | land |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| arealen | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het middeleeuws Latijn, in de betekenis van ‘gebied’ voor het eerst aangetroffen in 1918
Woordfamilie van areaal
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| arealen | meervoud | areaal |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van areaal zijn vastgelegd.