Naar de inhoud

snikken

ademhalend met schokkende bewegingen huilen

snikken is meer dan één woord

snikken

werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈsnɪkə(n)

Betekenis

  1. ademhalend met schokkende bewegingen huilen

Hoe spreek je snikken uit?

/ˈsnɪkən/

Snikken bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈsnɪkən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
s sok
n nek
ɪ pit
k kat
ə de
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van snikken

snikkenhele werkwoord — snikteverleden tijd enkelvoud — sniktenverleden tijd meervoud — gesniktvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik snik snikte
jij snikt snikte
hij, zij, het snikt snikte
wij snikken snikten
jullie snikken snikten
zij snikken snikten
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
gesnikt verleden tijd, deelwoord
gesnikt te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gesnikt zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gesnikt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gesnikt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gesnikt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gesnikt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gesnikt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gesnikt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gesnikt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gesnikt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gesnikt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gesnikt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gesnikt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gesnikt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gesnikt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gesnikt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gesnikt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
snik gebiedende wijs
snikke aanvoegende wijs
snikkend onvoltooid, deelwoord
snikte verleden tijd
te hebben gesnikt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te snikken actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen snikken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gesnikt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gesnikt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gesnikt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal snikken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal snikken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal snikken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gesnikt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gesnikt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gesnikt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou snikken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou snikken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou snikken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gesnikt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gesnikt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gesnikt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden snikken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden snikken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden snikken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gesnikt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt snikken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gesnikt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gesnikt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gesnikt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen snikken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen snikken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen snikken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen snikken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gesnikt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult snikken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord snik

Herkomst

In de betekenis van ‘krampachtige bewegingen maken, krampachtig ademen’ voor het eerst aangetroffen in 1552

Woordfamilie van snikken

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gesnikt voltooid deelwoord snikken
snikke aanvoegende wijs snikken
snikkend onvoltooid deelwoord snikken
snikkende woordvorm snikken
snikt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon snikken
snikte verleden tijd snikken
snikten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon snikken

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van snikken zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over snikken

Hoe spreek je snikken uit?
De uitspraak van snikken is: /ˈsnɪkə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent snikken?
Snikken is een werkwoord. Het woord betekent: ademhalend met schokkende bewegingen huilen.
Hoe vervoeg je snikken?
Je vervoegt snikken als volgt: de tegenwoordige tijd is snik, de verleden tijd is snikte en het voltooid deelwoord is gesnikt. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op snikken?

In dit woordenboek rijmen 23 woorden op -ikken op snikken, zoals prikken, verstikken en beschikken. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op snikken, uitspraak ˈsnɪkən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
prikken 2
verstikken 3
beschikken 3
slikken 2
schrikken 2
knikken 2
tikken 2
pikken 2
stikken 2
verslikken 3
likken 2
blikken 2
mikken 2
wrikken 2
verklikken 3
hikken 2
strikken 2
belikken 3
boomleeuweriken 5
fikken 2
lamszwezeriken 5
literblikken 4
onbeleefderiken 6

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord snikken is 12 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. N 1
  3. I 1
  4. K 3
  5. K 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 12 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

snikken levert met Wordfeud minimaal 13 en maximaal 97 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. N 1
  3. I 2
  4. K 3
  5. K 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 13 zonder bonus
  9. 97 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (K) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

snikken telt 7 letters, waarvan 5 verschillende, want 2 letters komen er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

snikken in het kort

snikken is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Van snikken zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort snikken bij een woordfamilie van 7 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

snikken: ademhalend met schokkende bewegingen huilen
Deel snikken — standaardnederlands.nl