reel
zelfstandig naamwoord, bijvoeglijk naamwoord relBetekenis
- (te) slank
- vismolen van een werphengel
- soort dans
Hoe spreek je reel uit?
/rel/
Reel bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| r | rood |
| e | veel |
| l | land |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| relen | enkelvoud |
zelfstandig naamwoord — masculine
- spoel voor film of geluidsband
- hoeveelheid film of geluidsband die op één spoel past, als afgerond geheel gemonteerde video
- werphengel met toebehoren
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| reels | enkelvoud |
bijvoeglijk naamwoord
- met een (te) kleine omvang in verhouden tot de lengte obsolete
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| [C] reel | canonical |
Woordfamilie van reel
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| reels | enkelvoud | reel |
| relen | enkelvoud | reel |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van reel zijn vastgelegd.