Naar de inhoud

bespelen

muziek maken op een muziekinstrument

bespelen

werkwoord bəˈspelə(n)

Betekenis

  1. muziek maken op een muziekinstrument
  2. iemand tot iets aanzetten, invloed hebben op

Hoe spreek je bespelen uit?

/bəˈspelən/

Bespelen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.

De tekens in /bəˈspelən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
b bak
ə de
s sok
p pak
e veel
l land
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van bespelen

bespelenhele werkwoord — bespeeldeverleden tijd enkelvoud — bespeeldenverleden tijd meervoud — bespeeldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik bespeel bespeelde
jij bespeelt bespeelde
hij, zij, het bespeelt bespeelde
wij bespelen bespeelden
jullie bespelen bespeelden
zij bespelen bespeelden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben bespeeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent bespeeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
bespeel gebiedende wijs
bespeeld verleden tijd, deelwoord
bespeeld te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
bespeeld te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
bespeeld te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
bespeeld te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
bespeeld te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
bespeeld worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
bespeeld zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
bespeeld zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
bespeeld zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
bespeeld zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
bespeelde verleden tijd
bespele aanvoegende wijs
bespelend onvoltooid, deelwoord
er is bespeeld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was bespeeld impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd bespeeld impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt bespeeld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal bespeeld worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal bespeeld zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou bespeeld worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou bespeeld zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had bespeeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had bespeeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had bespeeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden bespeeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden bespeeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden bespeeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt bespeeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb bespeeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben bespeeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben bespeeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben bespeeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben bespeeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt bespeeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft bespeeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft bespeeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is bespeeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is bespeeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te bespelen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben bespeeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen bespelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart bespeeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren bespeeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren bespeeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren bespeeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
was bespeeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was bespeeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was bespeeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd bespeeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd bespeeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd bespeeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden bespeeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden bespeeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden bespeeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt bespeeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word bespeeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden bespeeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden bespeeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden bespeeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt bespeeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt bespeeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal bespeeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bespeeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal bespeeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal bespeeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bespeeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal bespeeld zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bespeeld zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal bespelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal bespelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal bespelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn bespeeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn bespeeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn bespeeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt bespeeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou bespeeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bespeeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bespeeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou bespeeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bespeeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou bespeeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bespeeld zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bespeeld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bespeeld zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou bespelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou bespelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou bespelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden bespeeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden bespeeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden bespeeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bespeeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden bespeeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden bespeeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bespeeld zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden bespeeld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden bespeeld zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bespelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden bespelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden bespelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt bespeeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt bespeeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt bespeeld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt bespelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen bespeeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen bespeeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen bespeeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen bespeeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen bespeeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen bespeeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen bespeeld zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen bespeeld zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen bespeeld zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen bespelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen bespelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen bespelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen bespelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult bespeeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult bespeeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult bespeeld zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult bespelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Afgeleid van spelen met het voorvoegsel be-.

Woordfamilie van bespelen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
bespeel gebiedende wijs bespelen
bespeeld voltooid deelwoord bespelen
bespeelde verleden tijd bespelen
bespeelden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon bespelen
bespeelt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon bespelen
bespele aanvoegende wijs bespelen
bespelend onvoltooid deelwoord bespelen
bespelende woordvorm bespelen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bespelen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over bespelen

Hoe spreek je bespelen uit?
De uitspraak van bespelen is: /bəˈspelə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd.
Wat betekent bespelen?
Bespelen is een werkwoord. Het woord betekent: muziek maken op een muziekinstrument. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je bespelen?
Je vervoegt bespelen als volgt: de tegenwoordige tijd is bespeel, de verleden tijd is bespeelde en het voltooid deelwoord is bespeeld. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op bespelen?

Op bespelen rijmen 37 woorden, onder andere vervelen, stelen en spelen. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op bespelen, uitspraak bəˈspelən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
vervelen 3
stelen 2
spelen 2
mededelen 4
aanbevelen 4
delen 2
velen 2
schelen 2
bevelen 3
helen 2
juwelen 3
mailen 2
melen 2
openstellen 4
onderverdelen 5
wereldspelen 4
verhelen 3
gelijkspelen 4
overspelen 4
allelen 3
bekkenelen 4
bikkelspelen 4
camelen 3
commerciëlen 4
croquetspelen 4
deelen 2
ghazelen 3
lintelen 3
misdelen 3
onderdelen 4
reserveonderdelen 7
sapioseksuelen 7
sequelen 3
spornoseksuelen 6
tegenspelen 4
volkstonelen 5
welen 2

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord bespelen is 15 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. B 3
  2. E 1
  3. S 2
  4. P 3
  5. E 1
  6. L 3
  7. E 1
  8. N 1
  9. 15 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

bespelen levert met Wordfeud minimaal 17 en maximaal 75 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. B 4
  2. E 1
  3. S 2
  4. P 4
  5. E 1
  6. L 3
  7. E 1
  8. N 1
  9. 17 zonder bonus
  10. 75 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

bespelen in het kort

bespelen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van bespelen zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort bespelen bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

bespelen: muziek maken op een muziekinstrument
Deel bespelen — standaardnederlands.nl