Naar de inhoud

onderverdelen

in delen splitsen

onderverdelen

werkwoord ˈɔndərvərˌdelə(n)

Betekenis

  1. in delen splitsen

Hoe spreek je onderverdelen uit?

/ˈɔndərvərˌdelən/

Onderverdelen bestaat uit vijf lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈɔndərvərˌdelən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
ɔ bot
n nek
d dak
ə de
r rood
v vis
e veel
l land
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint
ˌ een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon

Vervoeging van onderverdelen

onderverdelenhele werkwoord — verdeelde onderverleden tijd enkelvoud — verdeelden onderverleden tijd meervoud — onderverdeeldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik verdeel onder verdeelde onder
jij verdeelt onder verdeelde onder
hij, zij, het verdeelt onder verdeelde onder
wij verdelen onder verdeelden onder
jullie verdelen onder verdeelden onder
zij verdelen onder verdeelden onder
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben onderverdeeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent onderverdeeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is onderverdeeld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was onderverdeeld impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd onderverdeeld impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt onderverdeeld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal onderverdeeld worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal onderverdeeld zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou onderverdeeld worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou onderverdeeld zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had onderverdeeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had onderverdeeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had onderverdeeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden onderverdeeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden onderverdeeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden onderverdeeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt onderverdeeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb onderverdeeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben onderverdeeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben onderverdeeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben onderverdeeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben onderverdeeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt onderverdeeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft onderverdeeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft onderverdeeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is onderverdeeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is onderverdeeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
onder te verdelen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
onder te zullen verdelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
onder zal verdelen bijzin, toekomende tijd
onder zou verdelen bijzin, voorwaardelijk
onder zouden verdelen bijzin, voorwaardelijk
onder zoudt verdelen bijzin, voorwaardelijk
onder zullen verdelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
onder zullen verdelen bijzin, toekomende tijd
onder zult verdelen bijzin, toekomende tijd
onderverdeel bijzin, tegenwoordige tijd
onderverdeeld verleden tijd, deelwoord
onderverdeeld te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
onderverdeeld te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
onderverdeeld te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
onderverdeeld te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
onderverdeeld te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
onderverdeeld worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
onderverdeeld zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
onderverdeeld zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
onderverdeeld zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
onderverdeeld zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
onderverdeelde bijzin, verleden tijd
onderverdeelden bijzin, verleden tijd
onderverdeelt bijzin, tegenwoordige tijd
onderverdelend onvoltooid, deelwoord
te hebben onderverdeeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen onderverdelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verdeel onder gebiedende wijs
verdeelde onder verleden tijd
waart onderverdeeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren onderverdeeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren onderverdeeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren onderverdeeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
was onderverdeeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was onderverdeeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was onderverdeeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd onderverdeeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd onderverdeeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd onderverdeeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden onderverdeeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden onderverdeeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden onderverdeeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt onderverdeeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word onderverdeeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden onderverdeeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden onderverdeeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden onderverdeeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt onderverdeeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt onderverdeeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal onderverdeeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal onderverdeeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal onderverdeeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal onderverdeeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal onderverdeeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal onderverdeeld zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal onderverdeeld zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal onderverdelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal onderverdelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal onderverdelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal onderverdelen bijzin, toekomende tijd
zijn onderverdeeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn onderverdeeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn onderverdeeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt onderverdeeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou onderverdeeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou onderverdeeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou onderverdeeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou onderverdeeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou onderverdeeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou onderverdeeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou onderverdeeld zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou onderverdeeld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou onderverdeeld zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou onderverdelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou onderverdelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou onderverdelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou onderverdelen bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) onderverdelen onder zou(dt) verdelen bijzin, voorwaardelijk
zouden onderverdeeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden onderverdeeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden onderverdeeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden onderverdeeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden onderverdeeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden onderverdeeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden onderverdeeld zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden onderverdeeld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden onderverdeeld zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden onderverdelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden onderverdelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden onderverdelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden onderverdelen bijzin, voorwaardelijk
zoudt onderverdeeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt onderverdeeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt onderverdeeld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt onderverdelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt onderverdelen bijzin, voorwaardelijk
zullen onderverdeeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen onderverdeeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen onderverdeeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen onderverdeeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen onderverdeeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen onderverdeeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen onderverdeeld zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen onderverdeeld zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen onderverdeeld zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen onderverdelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen onderverdelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen onderverdelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen onderverdelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen onderverdelen bijzin, toekomende tijd
zult onderverdeeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van onder bw en verdelen ww

Woordfamilie van onderverdelen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
onderverdeel subordinate-clause, tegenwoordige tijd onderverdelen
onderverdeeld voltooid deelwoord onderverdelen
onderverdeelde subordinate-clause, verleden tijd onderverdelen
onderverdeelden subordinate-clause, verleden tijd onderverdelen
onderverdeelt subordinate-clause, tegenwoordige tijd onderverdelen
onderverdele with-subordinate-clause onderverdelen
onderverdelend onvoltooid deelwoord onderverdelen
onderverdelende woordvorm onderverdelen
verdeel onder gebiedende wijs onderverdelen
verdeelde onder verleden tijd onderverdelen
verdeelden onder aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon onderverdelen
verdeelt onder aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon onderverdelen
verdele onder woordvorm onderverdelen
verdelen onder aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon onderverdelen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van onderverdelen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over onderverdelen

Hoe spreek je onderverdelen uit?
De uitspraak van onderverdelen is: /ˈɔndərvərˌdelə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent onderverdelen?
Onderverdelen is een werkwoord. Het woord betekent: in delen splitsen.
Hoe vervoeg je onderverdelen?
Je vervoegt onderverdelen als volgt: het voltooid deelwoord is onderverdeeld. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op onderverdelen?

In dit woordenboek rijmen 37 woorden op -elen op onderverdelen, zoals vervelen, stelen en spelen. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op onderverdelen, uitspraak ˈɔndərvərˌdelən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
vervelen 3
stelen 2
spelen 2
mededelen 4
bespelen 3
aanbevelen 4
delen 2
velen 2
schelen 2
bevelen 3
helen 2
juwelen 3
mailen 2
melen 2
openstellen 4
wereldspelen 4
verhelen 3
gelijkspelen 4
overspelen 4
allelen 3
bekkenelen 4
bikkelspelen 4
camelen 3
commerciëlen 4
croquetspelen 4
deelen 2
ghazelen 3
lintelen 3
misdelen 3
onderdelen 4
reserveonderdelen 7
sapioseksuelen 7
sequelen 3
spornoseksuelen 6
tegenspelen 4
volkstonelen 5
welen 2

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord onderverdelen is 22 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. N 1
  3. D 2
  4. E 1
  5. R 2
  6. V 4
  7. E 1
  8. R 2
  9. D 2
  10. E 1
  11. L 3
  12. E 1
  13. N 1
  14. 22 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

onderverdelen levert met Wordfeud minimaal 22 en maximaal 90 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. N 1
  3. D 2
  4. E 1
  5. R 2
  6. V 4
  7. E 1
  8. R 2
  9. D 2
  10. E 1
  11. L 3
  12. E 1
  13. N 1
  14. 22 zonder bonus
  15. 90 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

onderverdelen in het kort

onderverdelen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van onderverdelen zijn 88 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort onderverdelen bij een woordfamilie van 14 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

onderverdelen: in delen splitsen
Deel onderverdelen — standaardnederlands.nl