schalmei
zelfstandig naamwoord, werkwoord sxɑlˈmɛiBetekenis
- een blaasinstrument met een rechte conische boring. De toon wordt gevormd met een los dubbel riet
Hoe spreek je schalmei uit?
/sxɑlˈmɛi/
Schalmei bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| x | acht |
| ɑ | bad |
| l | land |
| m | maan |
| ɛi | trein |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- blaasinstrument met een rechte conische boring en een los dubbel riet dat de toon vormt
- bepaald tongwerk in een orgel
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| schalmeien | meervoud |
| schalmeitje | verkleinwoord, enkelvoud |
| schalmeitjes | verkleinwoord, meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van schalmeien
- gebiedende wijs van schalmeien
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van schalmeien
Vervoeging van schalmei
schalmeihele werkwoord
Herkomst
via Middelnederlands schalmeye, Middelhoogduits schalmie, Middelfrans chalemie van Latijn calamus "onder meer rietfluit" dat teruggaat op Oudgrieks κάλαμος (kálamos); in de betekenis van ‘blaasinstrument’ aangetroffen vanaf 1351
Woordfamilie van schalmei
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| schalmeitje | verkleinwoord | schalmei |
| schalmeitjes | verkleinwoord meervoud | schalmei |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van schalmei zijn vastgelegd.