kei
zelfstandig naamwoord kɛiBetekenis
- brok gesteente
- iets wat in enig opzicht door en door hard of massief is
- (voetbal) zeer krachtig schot
- als linkerdeel van een samengesteld bijvoeglijk naamwoord om de betekenis van het rechterdeel te versterken
- hond
Hoe spreek je kei uit?
/kɛi/
Kei bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| ɛi | trein |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| keien | meervoud |
| keitje | verkleinwoord, enkelvoud |
| keitjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
erfwoord via Middelnederlands kei van Oudnederlands kei **[1] in de betekenis van ‘rolsteen’ voor het eerst aangetroffen in 1350 **[2] vermoedelijk naar het voorbeeld van keihard, toen dat naast een letterlijke betekenis ook figuurlijke betekenissen kreeg, vergelijk steen
Woordfamilie van kei
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| keien | meervoud | kei |
| keitje | verkleinwoord | kei |
| keitjes | verkleinwoord meervoud | kei |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kei zijn vastgelegd.