tij
zelfstandig naamwoord tɛiBetekenis
- de periodieke wisseling van de waterstand met eb en vloed.
Hoe spreek je tij uit?
/tɛi/
Tij bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| t | tak |
| ɛi | trein |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| tijen | meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘eb en vloed’ voor het eerst aangetroffen in 1532
Woordfamilie van tij
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| tijen | meervoud | tij |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van tij zijn vastgelegd.