handelsmaatschappij
zelfstandig naamwoord ˈhɑndəlsˌmatsxɑˌpɛiBetekenis
- commerciële organisatie die zich met de -gewoonlijk koloniale- handel bezighield
Hoe spreek je handelsmaatschappij uit?
/ˈhɑndəlsˌmatsxɑˌpɛi/
Handelsmaatschappij bestaat uit vijf lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| h | hoed |
| ɑ | bad |
| n | nek |
| d | dak |
| ə | de |
| l | land |
| s | sok |
| m | maan |
| a | maan |
| t | tak |
| x | acht |
| p | pak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
zelfstandig naamwoord
- onderneming die goederen inkoopt om ze met winst door te verkopen aan andere ondernemingen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| handelsmaatschappijen | meervoud |
| handelsmaatschappijtje | verkleinwoord, enkelvoud |
| handelsmaatschappijtjes | verkleinwoord, meervoud |
| handelsmaatschappy |
Herkomst
samenstelling van handel zn en maatschappij zn met het invoegsel -s-
Woordfamilie van handelsmaatschappij
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| handelsmaatschappijen | meervoud | handelsmaatschappij |
| handelsmaatschappijtje | verkleinwoord | handelsmaatschappij |
| handelsmaatschappijtjes | verkleinwoord meervoud | handelsmaatschappij |
| handelsmaatschappy | feminine | handelsmaatschappij |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van handelsmaatschappij zijn vastgelegd.