nicht
zelfstandig naamwoord nɪxtBetekenis
- dochter van iemands broer of zus
- dochter van iemands schoonbroer of schoonzus
- dochter van iemands oom of tante
- mannelijke homoseksueel, met de bijbetekenis dat die zich verwijfd gedraagt
Hoe spreek je nicht uit?
/nɪxt/
Nicht bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| n | nek |
| ɪ | pit |
| x | acht |
| t | tak |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| nichten | meervoud |
| nichtje | verkleinwoord, enkelvoud |
| nichtjes | verkleinwoord, meervoud |
zelfstandig naamwoord — masculine
- mannelijke homoseksueel, met de connotatie dat die zich "verwijfd" gedraagt pejorative
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| nichten | meervoud |
| nichtje | verkleinwoord, enkelvoud |
| nichtjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘dochter van broer, zus, oom of tante’ voor het eerst aangetroffen in 1220
Woordfamilie van nicht
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| nichten | meervoud | nicht |
| nichtje | verkleinwoord | nicht |
| nichtjes | verkleinwoord meervoud | nicht |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van nicht zijn vastgelegd.