biet
zelfstandig naamwoord bitBetekenis
- een plant die om de wortelknol geteeld wordt
- de wortelknol van de bovenstaande plant
Hoe spreek je biet uit?
/bit/
Biet bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| i | riet |
| t | tak |
Klinkt hetzelfde als beat, bied, biedt.
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- Beta vulgaris een plant die om de wortelknol geteeld wordt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| bieten | meervoud |
| bietje | verkleinwoord, enkelvoud |
| bietjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘plant’ voor het eerst aangetroffen in 1240
Woordfamilie van biet
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| bieten | meervoud | biet |
| bietje | verkleinwoord | biet |
| bietjes | verkleinwoord meervoud | biet |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van biet zijn vastgelegd.