limiet
zelfstandig naamwoord /liˈmit/Betekenis
- een restrictie of uiterste grens
- een waarde waarnaar een reeks convergeert, maar die nooit bereikt wordt
Hoe spreek je limiet uit?
/liˈmit/
Limiet bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| l | land |
| i | riet |
| m | maan |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| limieten | meervoud |
| limietje | verkleinwoord, enkelvoud |
| limietjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘grens’ voor het eerst aangetroffen in 1350
Woordfamilie van limiet
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| limieten | meervoud | limiet |
| limietje | verkleinwoord | limiet |
| limietjes | verkleinwoord meervoud | limiet |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van limiet zijn vastgelegd.